Kies uw taal
Pick your language

Mijn gegevens

      Mijn gegevens

  Adres: Populierenlaan 30,
                 2925 CT Krimpen aan den IJssel
  Vaste telefoon: 0180 522828
  Mobiele telefoon: 06 44046099

  Adres in: Google Printview
  Email: info@dsatromp.nl

ATromp
Het laatst gehouden te: Daarle
op: 12 mei 2019
Handelingen 17 : 32 Toen ze van de opstanding hoorden
Wil je eerst het gedeelte uit de bijbel lezen?   

Toen ze van de opstanding hoorden

Gemeente des Heren,

Het is de laatste zondag tussen Pasen en Hemelvaartsdag. In de afgelopen weken hoorden we in de kerk weer vaak het nieuws, dat Jezus is opgestaan uit de dood. Net als voorbije jaren, misschien veel voorbije jaren. En ook buiten deze vijf zondagen klinkt dat nieuws regelmatig in de diensten. Het is voor ons oud nieuws.

Dan lopen we het risico, dat we er geen besef meer van hebben hoe vreemd dat nieuws wel is. Dat we er ook geen besef meer van hebben hoe dat nieuws binnenkomt bij de buitenkerkelijke mensen nu.

Daarom is het misschien wel interessant om na te gaan wat dit nieuws van Jezus' opstanding doet bij mensen voor wie het vroeger ook echt nieuw nieuws was. Ongekend nieuws. Dat is zo bij de Atheners, als Paulus hun dat nieuws brengt. Hoe reageren zij erop?

Paulus op de Areopagus
Paulus' Predigt in Athen
Aula des Johanneums Zittau
Om te beginnen zijn bij hen de omstandigheden best gunstig voor nieuw nieuws. Daar hebben ze wel oren naar. Alle Atheners en de vreemdelingen die er wonen hebben voor haast niets anders tijd dan voor het uitwisselen van de nieuwste ideeën. Daarvoor komen ze naar de Areopagus, een hoog gelegen marktplein, waar geen groenten of stoffen worden verkocht, maar dat een ontmoetingplaats is van allerlei denkers en wijsgeren, een vrijmarkt van geestelijke stof.

Athene is immers al een paar eeuwen het centrum van de overal heersende Griekse cultuur met knappe filosofen, schrijvers, dichters, politici. Grondleggers van de huidige natuurwetenschappen: zoals reken- en meetkunde, sterrenkunde, staatskunde, geneeskunde, economie.

Maar die cultuur is over haar hoogtepunt heen. De politieke macht is door de Romeinen overgenomen. En de wijsgerige scholen, zoals de epicurische en de stoïsche, leren niets nieuws meer. Ze herhalen hun opvattingen uitentreuren en hebben hun zeggingskracht verloren. Het is niet meer dan teren op de roem van het verleden. Men is echt aan iets nieuws toe. Gaat dat nu gebeuren op de Areopagus?

Op godsdienstig gebied is het niet anders. Paulus raakt in Athene hevig verontwaardigd bij het zien van de vele godenbeelden in de stad. Hij zegt ook tegen de bewoners: ik heb gezien hoe buitengewoon godsdienstig u in ieder opzicht bent. Zelfs ontdekte ik een altaar met het opschrift: aan de onbekende god. Ze zoeken hun heil dus overal. Ze offeren aan allerlei goden. Maar ze vinden hun heil nergens. Hun oude goden kunnen hen allang niet meer bekoren. Het oude nieuws van al die wilde mythologische verhalen over Zeus op de Olympus, Athene, Aphrodite, Orpheus in de onderwereld, noem maar op, het heeft ook zijn zeggingskracht verloren. Ze beseffen, dat ze bij die goden geestelijk nog arm, leeg en verloren zijn gebleven zijn. Maar misschien komt het reddende nieuws uit het oosten. De oosterse godsdiensten zijn even in trek. Daarom is men ook nieuwsgierig naar wat Paulus komt vertellen. Hij komt immers uit het oosten. En hij schijnt een boodschapper van uitheemse goden te zijn. Vaag hebben ze gehoord dat hij een god zou preken die Jezus heet en een godin die anastasis heet, opstanding. Ja, als je ergens de klok hebt horen luiden, maar je niet weet, waar de klepel hangt, ga je zo iets in je hoofd halen. En als je dat dan doorvertelt, gaan zulke vreemde nieuwtjes rond. Paulus, kunt u ons uitleggen wat die nieuwe leer is die u uitdraagt? Wat bedoelt u? Of heeft ook Paulus het reddende nieuws niet? Komt het eens van een nog onbekende god? Dan kunnen we die het beste vast te vriend houden door een altaar aan hem te wijden. Het is allemaal wat triest, die culturele en religieuze neergang, die leegte, die nieuwtjesjacht uit verveling. Maar ziet onze Europese cultuur er nu anders uit? Onze politieke macht is verzwakt, niet meer slagvaardig. Door onenigheid. Door steeds vertragend overleg op topconferenties, waar weinig uitkomt. Burgers geloven niet meer in Europa. Ze zien er niet meer de lusten van, maar wel de lasten. Het woord Brussel is een scheldwoord geworden. Onze economieën groeien niet meer zo hard.

En de kerk? Die is bijna alle invloed kwijt. Die vertelt eeuwenoud nieuws te vertellen, waar de massa niet meer op afkomt. Als de kerk het nieuws haalt, is het over een dominee de gelooft in een God die niet bestaat of een die gelooft dat Jezus nooit als persoon geleefd heeft. Eén grote samenbindende wereldbeschouwing, dat mensen actief maakt, hoop geeft, is er niet. Er is mat en plat materialisme. Of men probeert zich spiritueel te bevredigen met, yoga, mindfulness, reiki, noem maar op, ook steeds een nieuwe rage, en vaak ook uit het oosten. En intussen tikken we onze rechterduim of wijsvinger lam op onze mobieltjes op zoek naar nieuwtjes die geen waarde hebben.

Is de oude wereld van Europa ook niet verouderd en aan iets nieuws toe?

Misschien heeft ons persoonlijk leven daar ook wel wat van mee gekregen. Bij alle drukte zit er van binnen toch leegte, verveling. Wezenlijk verandert er niets, blijft alles bij het oude en daar zijn we niet gelukkig mee. We missen een inspiratiebron. Iets dat alles weer nieuw leven in kan blazen. We hongeren naar iets nieuws. Naar de nieuwste ideeën en ontwikkelingen. De t.v. is er uren voor aan. Maar morgen is het al weer oud nieuws en het heeft de wereld en ook ons zelf niet veranderd. Triest.

We lijken veel op die oude Atheners. En naar hen komt Paulus toe. Beter gezegd: God komt naar ze toe via Paulus. God laat hen zijn reddend nieuws horen. Het nieuws van de verlosser, de Here Jezus Christus. Die zondeloos heeft geleefd, als zondaar is gestorven uit de dood is opgestaan. God baant zijn reddende weg naar verloren mensen door het evangelie van Jezus Christus. Wat een liefde, verkiezende, genadige liefde, dat God de Atheners zo opzoekt, hun de reddende hand toesteekt, voor hen het verlossende woord heeft.

Dat is ook zo bij ons. Wij, in onze in wezen lege, holle, verouderde Europese cultuur, mogen nog steeds het verlossende nieuws horen. Over Jezus Christus. Vooral het nieuws dat Hij uit de dood is opgestaan. God spreekt nog steeds zijn verlossende woord. Wat een zegen, liefde, verkiezing, genade. Wat is de Here toch groot en goed. Zijn we daarvan onder de indruk?

Maar hoe ziet die preek van Paulus in Athene er uit? Ik wil er een paar dingen van zeggen. In de eerste plaats dropt Paulus zijn boodschap niet in het wilde weg. Hij gaat in op de actualiteit van toen. Hij sluit aan op de leefwereld van de mensen daar. Hij citeert bijvoorbeeld hun dichters. Hij zoekt de dialoog met ze, de uitwisseling van gedachten, en geeft zijn persoonlijk mening als aanzet tot een gesprek. Zo zegt hij dat je God niet in een dood beeld van goud, zilver of steen moet zoeken, maar dichterbij, in je hart. Een les voor ieder die nu Gods nieuws mag brengen. Denk aan de leefwereld van de mensen aan wie je het brengt. Sluit er op aan.

Maar in de tweede plaats sluit Paulus wel aan bij het Atheense gedachtegoed, maar hij past er zich niet bij aan. Want onverbloemd zegt hij tegen de wijsgeren daar, die zoveel menen te weten, dat ze tot nu toe de echte God niet kenden, ze Hem misschien wel zochten maar niet hadden gevonden. Maar die tijd is nu voorbij. Nu is er werkelijk nieuw nieuws van God. Nieuws dat een andere tijd inluidt. Nieuws dat hun ook een ander, nieuw leven wil geven. Paulus laat in het Grieks zelfs het woord bekering vallen en is daarbij radicaal. Zo luidt de werkelijke vertaling: God zegt, met voorbijgaan aan de tijd van onwetendheid, nú tegen de mensen, dat zij zich állemaal óveral moeten bekeren. Nu, allemaal, overal. Schokkend nieuws. Dat kan je niet meer vrijblijvend aanhoren. Wij ook niet. We moeten ons nu hier allemaal bekeren. En of dat niet genoeg is gebruikt Paulus ook nog het woord oordeel. God heeft een dag bepaald waarop Hij door een door hem aangewezen man de hele mensheid rechtvaardig zal oordelen. Ook schokkend nieuws, angstaanjagend. Iedereen gaat verloren om zijn falend leven door die ene door God aangewezen man, als die man niet serieus wordt genomen. Wij ook, we kunnen verloren gaan buiten die ene man om.

We weten intussen: dat is Jezus Christus. In een evangelisatiepreekje voor mensen, die niets van het christelijk geloof afweten, heb je het toch niet gelijk over bekering en oordeel? Dan haal je toch niemand over? Maar Paulus doet het wel. Want die dingen horen eenmaal bij het nieuwe nieuws van God of we dat leuk vinden of niet, of het menselijk gezien belemmert om te gaan geloven of niet.

En wat er ook helemaal bij hoort, is de opstanding van Jezus uit de dood. Het bewijs dat het om deze man gaat, Jezus Christus, heeft God geleverd door hem uit de dood te doen opstaan. Dat is de afsluitende climax van Paulus' boodschap. De kern van Gods grote nieuws aan de wereld. Het hart van het evangelie.

Er was een man. Jezus. Hij heeft zo lief. Vooral de verschoppelingen. Hij troost verdrietige mensen. Hij geneest zieken. Hij bevrijdt mensen van kwade machten. Hij is zo wijs. Zo puur en zuiver. Hij kan geen onrecht zien. Steeds biddend heeft hij een volmaakte relatie van vertrouwen en gehoorzaamheid met God, die Hij zijn Vader noemt. En God keurt het leven van die man goed. God wil de hele mensheid, hoe liefdeloos en onrechtvaardig die ook is, zijn liefde geven om wille van die ene. En het bewijs dat het om deze man gaat, heeft hij geleverd door hem uit de dood te doen opstaan.

Diezelfde man, Jezus, krijgt het zwaar te verduren, want wie zo leeft en daardoor populair wordt onder het volk, krijgt tegenwerking van de rijke uitbuitende machthebbers. Daarom wordt hij gevangen genomen, gegeseld, op valse gronden ter dood veroordeeld en gekruisigd. Maar hij verloochent daarbij zijn liefdevolle, zuivere manier van leven niet, geeft zijn ziel niet prijs, al moet hij er zijn leven om prijs geven. Ook dat wordt door God goedgekeurd. Als deze man zo allerlei kwaad over zich heen haalt, wil God dat zien als het kwaad van de wereld dat Hij zo op zich afwentelt, droeg en wegdroeg. En het bewijs dat het om deze man gaat, heeft hij geleverd door hem uit de dood te doen opstaan.

Diezelfde man, Jezus, heeft tot het laatste toe, in de bitterste lichamelijke pijn en geestelijke duisternis, liefde voor zijn Vader en voor de mensen, en bidt: Vader vergeef het hun, want ze weten niet wat ze doen. Hij wil zo de kloof tussen God en mensen dichten. En God keurt dat goed en verzoent zich zo met de van hem afgedwaalde mensheid. En het bewijs dat het om deze man gaat, heeft hij geleverd door hem uit de dood te doen opstaan.

Door het leven en sterven van deze man, Jezus, wordt de boze overwonnen, de duivel van zijn troon gestoten, het kwaad aan de schandpaal genageld. En het bewijs dat het om deze man gaat, heeft hij geleverd door hem uit de dood te doen opstaan.

Door deze man, Jezus, is zo ook een bres geslagen in de dikke harde muur van de dood, waar we allemaal vroeg of laat ons hoofd tegen stoten. Er is doorkomen aan. En het bewijs heeft God geleverd door deze man uit de dood te doen opstaan.

En zo is er door deze man, Jezus, een weg naar Gods Koninkrijk van vrede en recht. Zo is Hij de weg naar het eeuwige leven. Zo is Hij het water dat leven geeft, de bron die leven geeft, het brood dat doet leven, de poort naar de eeuwige stad, de opening naar de eeuwige schaapskooi. En het bewijs heeft God geleverd door hem uit de dood te doen opstaan.

Wat een heerlijk nieuws. Reddend nieuws. De enige troost in leven en sterven. Licht uit het oosten. Voorbij is de tijd, dat we God niet kenden.

Maar hoe reageren de Atheners hier op? Toen ze hoorden van een opstanding van de doden, dreven sommigen daar de spot mee, terwijl anderen zeiden: daarover moet u ons een andere keer nog maar eens vertellen.

Onbegrijpelijk. Of toch niet zo vreemd? Niet zo vreemd in hun cultuur en in onze cultuur?

Onder de mensen die Paulus op het marktplein van Athene aantreft, zijn epicurische filosofen. Wat leert Epicurus? Wel, alles bestaat uit ondeelbare stoffelijke deeltjes, atomen. En daarom bestaan geestelijke machten, zoals goden, niet. En bij onze dood vallen onze deeltjes uiteen, en dat is echt het einde, onherroepelijk en onomkeerbaar. Daarom is het maar het beste om van de korte aardse genoegens zoveel mogelijk te genieten en te proberen leed te vermijden. Carpe diem. Pluk de dag. Daarom is epicurisme volgens de 'van Dale' ook genotzucht.

Heel herkenbaar in onze tijd, niet? Van dit materialisme heeft de natuurwetenschap ons opnieuw overtuigd. Alles is materie of energie. De rest is onbelangrijk bijverschijnsel. En dood is dood. De stoffen, waaruit je lijf bestaan, vallen uit elkaar en dat is het dan. Er is geen opstanding van de doden. Geniet daarom maar van alle aangename prikkels, die op je zintuigen afkomen. En geloof niet in zo iets als goed en kwaad, verantwoordelijkheid, een oordeel je bestaan, een eeuwig wel of wee.

Onder de mensen die Paulus op het marktplein van Athene aantreft, zijn ook stoïsche filosofen. De Stoa is de zuilengang op het marktplein in Athene, waar deze wijsgeren bijeenkomen en hun leer bespreken. Die leer houdt in, dat alles zijn loop heeft volgens niet te breken wetten. Wat kan je daar als klein mensje tegen doen? Niets. Vooral medelijden met het leed van jezelf en van anderen is daarom niet goed voor je gemoedsrust. Laat je maar gewoon meevoeren met de stroom van de tijd. Ga er niet tegen in, want dat is vergeefse moeite. Trek het je emotioneel ook niet te veel aan. Dat maakt je maar ongelukkig. Onderga het alsof je er op een afstandje naar kijkt, gelaten, stoïcijns. Ook herkenbaar niet? We zitten in de stroom van het evolutieproces. Daar zijn we een piepklein schakeltje in. We gaan leven, geven onze genen door, met al of niet een afwijking, en sterven. En verzet je daar maar niet tegen. Want je komt er toch niet uit. Er niet onder uit en er niet boven uit.

Is het dan gek, dat de Atheners dat nieuwe nieuws van Paulus afwijzen? Is het gek, dat dit nieuws is ook nu niet goed in de markt ligt?

Hoe wijzen de Atheners het af? Op drie manieren. Sommigen zeggen al vóórdat ze naar de toespraak van Paulus hebben geluisterd: Wat beweert die praatjesmaker toch? Letterlijk staat er: die graanpikker, die overal wat graantjes van wijsheid heeft opgepikt en nu denkt dat hij een boodschap voor de wereld heeft. Kijk, dat is een beproefde manier om je in te dekken, om bij je oude valse zekerheden te blijven en je niet voor iets nieuws, dat je leven overhoop kan halen, open te stellen. Velen doen dit met de boodschap van de kerk. Maar ook in de kerk gebeurt het. Dan wordt een predikant minachtend beoordeeld en veroordeeld, zonder dat we echt eerlijk naar hem hebben geluisterd, ons kwetsbaar hebben open gesteld voor zijn woorden.

Toen ze hoorden van een opstanding van de doden dreven sommigen daar de spot mee. Spot is ook zo'n beproefd recept. Zo goedkoop. Je hoeft niet serieus na te denken over wat je hoort. Wie is zo achterlijk, dat hij nog in de sprookjes van de kerk gelooft? Bent u wel eens doel van spot geweest? Of niet omdat u anderen nooit iets van de christelijke boodschap hebt verteld? In ieder geval kennen we die spot wel van cabaretiers en columnisten. Terwijl anderen zeiden: daarover moet u ons een andere keer nog maar eens vertellen. Dat klinkt beleefder maar is net zo afwijzend. Men wil zich niet verplichten, zich niet aan de boodschap verbinden. Zo kunnen we ook elke zondag de dominees aanhoren, maar we houden in ons hart afstand. Moeten we er nog meer van horen? Weten we nog niet genoeg? Pas op. Die andere keer komt er voor de Atheners niet. Want er staat: zo vertrok Paulus uit hun midden. Die andere keren hebben wij vaak gehad in de kerk. Het is niet bij één keer gebleven. Maar dat is geen garantie dat er andere keren blijven komen.

Maar gelukkig eindigt onze geschiedenis niet in mineur. Toch sloten enkelen zich bij Paulus aan en aanvaardden het geloof, onder wie ook een Areopagiet, een van de rechters die daar op de Areopagus recht spreken. Dionysius. Volgens een geschiedschrijver was hij later zelfs bisschop van Athene. En ook een vrouw die Damaris heette en nog een aantal anderen. Zij krijgen een nieuw leven, dat voorgoed verbonden is met de opgestane Christus. Ze stijgen boven het platte materialisme uit. Ze breken door de ijzeren wet van de aardse loop der dingen heen. Bij hen heeft de dood niet meer het laatste woord. Ze worden burgers van het eeuwig Koninkrijk vol vrede en vreugde. Voor hen is de toegang tot God vrijgekomen.

Tussen Pasen en Hemelvaartsdag horen we nog steeds het nieuws, dat Jezus is opgestaan uit de dood. Zalig zijn zij die naar dat Woord van God luisteren en er uit leven.

Amen.

1000 Resterende tekens