Jesaja 50 : 4 - 9
Nieuwe Bijbelvertaling
  1. God, de HEER, gaf mij een vaardige tong,
    waarmee ik de moedeloze kan opbeuren.
    Elke ochtend wekt hij mijn oor,
    zodat het toegerust is om aandachtig te horen.
  2. God, de HEER, heeft mijn oren geopend
    en ik heb geen verzet geboden,
    ik ben niet teruggedeinsd.
  3. Ik heb mijn rug blootgesteld aan mijn folteraars,
    wie mij de baard uittrokken, bood ik mijn wangen aan.
    Ik heb mijn gezicht niet verborgen
    toen ze mij beschimpten en bespuwden.
  4. God, de HEER, zal mij helpen,
    daarom word ik niet gekwetst
    en is mijn gezicht zo onbewogen als een rots,
    want ik weet dat ik niet beschaamd zal staan.
  5. Hij die mij recht verschaft is nabij.
    Wie durft tegen mij een geding aan te spannen?
    Laten we samen voor het gerecht verschijnen.
    Wie is mijn tegenstander in deze zaak?
    Laat hij mij tegemoet treden.
  6. God, de HEER, zal mij helpen-
    wie zal mij dan veroordelen?
    Mijn belagers vallen uiteen als een kledingstuk,
    als een gewaad dat ten prooi is aan de motten.
terug naar de dagoverdenking


1000 Resterende tekens